April afsluiter

De laatste dag van april 2020. Een maand vol zonneschijn, maar met een donkere ondertoon.
De bloesems en de bloemen zijn teruggekeerd, maar in het hart van veel mensen is het nog altijd winter.
T.S. Eliot beschreef dit gevoel in een literair meesterwerk uit 1922: “The waste land”.
Het was verplichte lectuur tijdens mijn studietijd in Gent, maar de schoonheid van de zinnen van Eliot is me altijd bijgebleven.

Over stilstaan en bewegen

Vaak geef ik als diëtist het advies om extra te bewegen. Wat bedoel ik daar nu mee? Een goede leidraad vind je in de aanbevelingen van de bewegingsdriehoek (het broertje van de voedingsdriehoek).

Ideaal is een goede afwisseling tussen zitten, staan en bewegen. Hoe je dat aanpakt zie je in dit fimpje van het Vlaams Instituut Gezond Leven.

De tegenstelling stilstaan-bewegen inspireerde me ook tot een haiku.

Is niets ook iets?

De impact van Corona op het inkomen in bijberoep

“Hebben ook bijberoepers recht op een riante vergoeding voor gederfde inkomsten?” Dit was de vraag die Jan Segers, redacteur, zich stelde in zijn analyse in Het Laatste Nieuws op 18 april.

Ik voelde me aangesproken door het woord “riant” en bezorgde de redactie van Het Laatste Nieuws een antwoord op deze vraag. Het is niet mijn bedoeling medelijden op te wekken. Zoals ik vermeld in mijn antwoord heb ik een echtgenoot die nog altijd werkt en er komt dagelijks brood op de plank.

Ik wil meneer Segers van repliek dienen omdat ik weet dat er collega’s zijn die alleenstaand zijn en die geen vangnet hebben in deze tijden. Of collega’s die gestopt zijn als werknemer om zelfstandig aan de slag te gaan en nu volledig zonder inkomen vallen.

Als meneer Segers al deze mensen bestempelt als profiteurs die een riante vergoeding krijgen dan word ik boos. En dan wil ik hem graag van antwoord dienen.

“Mijn situatie is de volgende: ik startte in 2019 als 52-jarige als zelfstandig diëtiste. Voordien heb ik onze 4 kinderen opgevoed. Toen alle kinderen naar de universiteit gingen, besloot ik dat ik ook nog een carrière wilde. Op die manier zou ik nog een aantal jaren kunnen werken en een deel pensioen kunnen opbouwen. Ik startte de bacheloropleiding voedings-en dieetkunde aan de Erasmushogeschool te Brussel.

Ik studeerde in juni 2019 af met grootste onderscheiding, exact dertig jaar nadat ik een master in de taal- en letterkunde behaald had.

Ik was super gemotiveerd om aan de slag te gaan. De voorbije jaren had ik immers hard gestudeerd en gewerkt. De combinatie gezin en studeren is niet evident.

Mijn studies hebben ook een zware financiële investering gevraagd: inschrijvingsgeld, boeken, 70 uur verplichte bijscholing. Dit alles heeft ons duizenden euro’s gekost. Mijn echtgenoot heeft me steeds financieel en moreel gesteund. Ondertussen betaalden we ook de universitaire opleiding van onze 4 kinderen.

Ik oefen momenteel mijn beroep als diëtist voltijds uit. Omdat ik in het begin nog weinig patiënten zag, betaalde ik in eerste instantie bijdragen in bijberoep.

Begin 2020 begonnen de zaken beter te lopen en ik schatte dat ik in het derde kwartaal van dit jaar bijdragen in hoofdberoep zou kunnen betalen.

En toen kwam Corona. Begin maart begon er zich paniek te verspreiden en patiënten belden hun afspraak af. Op 13 maart sloot ik mijn praktijk volledig voor de veiligheid van mezelf en de patiënten. Als diëtist kan ik moeilijk social distancing handhaven als ik moet meten of wegen.

In maart had ik nog een beetje inkomen, net genoeg om de kosten te betalen. April zal nul euro zijn en mei voorspelt ook niet veel goeds.

Toch heb ik wel vaste kosten (licentie patiëntenprogramma, online agenda, …) . Ik betaal ook een lening af voor de inrichting van mijn praktijk.

Gelukkig werkt mijn echtgenoot zodat er nog brood op de plank komt.

Nu verneem ik van u dat ik aanspraak kan maken op een riante vergoeding (uw analyse in HLN van 18 april). Ik probeerde overbruggingsrecht aan te vragen. Van mijn sociaal secretariaat kreeg ik het bericht: “ Aangezien uw definitief netto jaarinkomen nog niet gekend is kan u hier geen gebruik van maken”.

Op de hinderpremie of de compensatiepremie heb ik ook geen recht, omdat ik de jaren voordien geen inkomen had als zelfstandige.

Kent u nog andere manieren om een riante vergoeding te verkrijgen? Ik hoor het graag.

Een zelfstandige in bijberoep met 0 euro inkomen deze en komende maanden.

Met vriendelijke groet

Hilde De Schuyteneer”

Earl Grey en een haiku

Earl Grey is mijn favoriete thee. Ik drink hem graag in een glazen theeglas zodat ik de mooie gouden kleur kan bewonderen. De thee inspireerde mij ook om een haiku te schrijven.

Earl Grey is een zwarte thee, genoemd naar een graaf (earl) Charles Grey (1764-1845) die een Britse Eerste Minister was. Earl Grey is een samenstelling van zwarte thee die aromatisch op smaak gebracht wordt met bergamotolie. Deze olie komt uit de schil van de vruchten van de citrusachtige bergamotplant.

De citrussmaak van de bergamotolie wordt nog sterker door de thee te serveren met een schijfje citroen.

Er bestaan ook varianten waaraan lavendel of oranjebloesem toegevoegd wordt: de Lady Grey. Deze varianten zijn zachter van smaak.

Moeder, waarom hamsteren wij?

De tekst van dit artikel verscheen ook als lezersbrief in het tijdschrift VABS.

Lezersbrief editie mei-juni 2020 VABS
Stel
De invoer van producten uit het buitenland stopt volledig.
Kan ons land voldoende voedsel produceren voor ieder van ons?

In pre-Corona-tijden leek dit een belachelijke vraag. In het licht van de mondmaskerperikelen is het interessant om na te denken over onze voedselvoorziening. Zijn wij voor onze voeding ook in hoge mate, zeg maar volledig, afhankelijk van het buitenland?

De Corona-epidemie heeft van een winkelbezoek een hele expeditie gemaakt: winkelkar laten ontsmetten, aanschuiven in de rij voor  het warenhuis, afstand houden. Mensen lopen rond met handschoenen of mondmakers aan. In de winkelgangen een babbeltje slaan kan niet meer.

De rijen wachtenden aan de ingang van de winkel doen ons denken aan de Russische aanschuifcultuur ten tijde van de Sovjet-Unie. Met dat verschil dat eenmaal binnen in de winkel de meeste goederen nog voorradig blijken te zijn. Ons ongemak beperkt zich tot de vaststelling dat we ons favoriete merk moeten missen omdat dat net niet aangevuld is.

Door deze crisis worden we er ons pijnlijk van bewust dat we voor veel producten afhankelijk zijn van het buitenland. Vooral voor veel verbruiksgoederen hangen we volledig af van buitenlandse invoer, denken we maar aan reagentia om te testen op het Corona-virus of mondmaskers. 

Maar hoe zit het  met onze voeding? Mensen zijn massaal aan het hamsteren geslagen uit angst voor tekorten. Voedsel is immers een basisbehoefte. Tijdens deze crisis beseffen we dat we afhangen van het aanbod in de winkel. Weinigen onder ons zijn immers zelf voorziend.

Is de angst voor tekorten reëel of is er voldoende capaciteit om voedsel te produceren in eigen land? Laat ons de binnenlandse productiecijfers van een aantal basisproducten bekijken.

Laat ons starten met een basisproduct als aardappelen. In 2018 produceerden onze boeren 3.045.443 ton aardappelen[1].  Op 1 januari 2019 bedroeg onze bevolking 11.413.203 personen[2]. Dit betekent dat iedere Belg van baby tot volwassene  theoretisch 267 kg aardappelen kon consumeren of ruim 700 gram per dag. Dit ligt ver boven de dagelijkse behoefte. Een groot deel van deze productie wordt uitgevoerd of dient als veevoer.

In datzelfde jaar produceerden Belgische koeien  673,1 miljoen kilo consumptiemelk[3]. Dit komt overeen met bijna 60 kg melk per inwoner. Dit getal houdt enkel rekening met de melk die kan gedronken worden.  Producten zoals yoghurt en room, kazen en boter worden hier niet in meegerekend.

In 2013 produceerden Belgische kippen meer dan 2.3 miljard eieren[4]. Elke Belg kan dus dagelijks meer dan 5 eieren verorberen. Als diëtist zou ik dergelijke hoge consumptie niet aanraden. 

Ons spreekwoordelijke appeltje voor de dorst is ook verzekerd! Wist je dat we in 2017 op ons grondgebied beschikten over 12.273.365 appelbomen en 17.367.558 perenbomen[5]? Ieder Belg kan dus de volledige productie van een appel- en perenboom opeten.

De lijst met basisproducten die we zelf kunnen produceren is eindeloos. En deze basisproducten worden door onze voedingsindustrie verder verwerkt.

Om het in termen van voedingsleer te zeggen: we produceren voldoende eiwitten, koolhydraten en vetten om onze bevolking te voeden zelfs indien de invoer uit het buitenland volledig stilvalt.

Momenteel leven we in onzekere tijden, maar op vlak van voedselvoorziening  verblijven wij hier in België nog altijd in het land van melk en honing. Onze boeren en tuinders produceren genoeg voedsel voor onze bevolking!

Hamsteren van voedingsproducten is dus helemaal niet nodig. Belgische consumenten bevinden zich in een situatie met voldoende aanbod van kwalitatieve en lekkere producten. Met dank aan onze land- en tuinbouwers.


[1] https://statbel.fgov.be/sites/default/files/files/documents/landbouw/NL_kerncijfers_landbouw_2019_web.pdf

[2] https://www.ibz.rrn.fgov.be/fileadmin/user_upload/fr/pop/statistiques/population-bevolking-20190101.pdf

[3] https://statbel.fgov.be/sites/default/files/files/documents/landbouw/NL_kerncijfers_landbouw_2019_web.pdf

[4] https://www.vlam.be/public/uploads/files/feiten_en_cijfers/eieren/eiproductie_en_zelfvoorziening_tem_2013_-_barometer_2019.pdf

[5] https://statbel.fgov.be/nl/themas/landbouw-visserij/land-en-tuinbouwbedrijven#figures